Plan:
Musselkanaal 2007
Status:
gedeeltelijk goedgekeurd
Gemeente:
Stadskanaal
Plantype:
ex art. 10 WRO beheer/ontwikkeling
Artikel 22. Horecadoeleinden 2
22.1. Bestemmingsomschrijving

De op de kaart voor Horecadoeleinden 2 aangewezen gronden zijn bestemd voor:

  1. gebouwen voor:
    1. horecabedrijven categorieŽn 1 en 2;
    2. woningen, voorzover het bestaande woningen betreft;
  2. het behoud en herstel van cultuurhistorische waarden;

met daaraan ondergeschikt:

  1. parkeervoorzieningen;
  2. nutsvoorzieningen;
  3. groenvoorzieningen;
  4. water;
  5. speelvoorzieningen;

met de daarbijbehorende:

  1. tuinen, erven en terreinen;
  2. bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
22.2. Bouwvoorschriften
22.2.1. Gebouwen

Voor het bouwen van de in lid 22.1 sub a genoemde gebouwen gelden de volgende bepalingen:

  1. een gebouw mag uitsluitend binnen een bouwvlak worden gebouwd;
  2. het bebouwingspercentage van het bouwvlak mag ten hoogste het op de kaart in het bouwvlak aangegeven percentage bedragen;
  3. de oppervlakte van een woning mag ten hoogste 150 m≤ bedragen;
  4. de goothoogte van een gebouw mag ten hoogste de op de kaart in het bouwvlak aangegeven goothoogte bedragen;
  5. de bouwhoogte van een gebouw mag ten hoogste de op de kaart in het bouwvlak aangegeven bouwhoogte bedragen.
22.2.2. Bouwwerken, geen gebouwen zijnde

Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende bepalingen:

  1. de hoogte van erf- en terreinafscheidingen mag ten hoogste 2 m bedragen, met dien verstande dat de hoogte van erf- en ter-reinafscheidingen voor de naar de weg gekeerde gevel c.q. het verlengde daarvan ten hoogste 1 m mag bedragen;
  2. de hoogte van palen en masten mag ten hoogste 6 m bedragen;
  3. de hoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag ten hoogste 3 m bedragen.
22.3. Aanlegvoorschriften†
22.3.1. Aanlegvergunningplichtige werkzaamheden

Het is verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van Burgemeester en Wethouders (aanlegvergunning) de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:

  • het slopen van bebouwing langs de Schoolstraat, Schoolkade, Sluisstraat, Sluiskade, Marktstraat, Marktkade, Aweg en Akade.
22.3.2. Toegestane werkzaamheden

Het in lid 22.3.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke:

  1. het normale onderhoud betreffen;
  2. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan.
22.3.3. Voorwaarden

De in lid 22.3.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, mits:

  • geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld en de cultuurhistorische waarden van de bebouwing.
22.4. Gebruiksvoorschriften
22.4.1. Verbodsbepaling

Het is verboden de gronden en bouwwerken te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze of tot een doel, strijdig met de gegeven bestemming.

22.4.2. Strijdig gebruik

Tot een gebruik, strijdig met deze bestemming, zoals bedoeld in lid 22.4.1, wordt in ieder geval gerekend:

  1. het gebruik van de gebouwen voor bewoning, tenzij het bestaande woningen betreft;
  2. het gebruik van gronden en bouwwerken voor horecabedrijven, categorie 3 en 4;
  3. het gebruik van gronden en bouwwerken voor zelfstandige detailhandel;
  4. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bedrijfsdoeleinden;
  5. het gebruik van gronden en bouwwerken voor seksinrichtingen;
  6. het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen;
  7. het gebruik van gronden voor de opslag van schroot, afbraak- en bouwmaterialen, anders dan voor de uitvoering van krachtens de bestemming toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden;
  8. het gebruik van gronden voor de stalling en opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken) voer-, vaar- of vliegtuigen;
  9. het gebruik van gronden voor het storten van puin en afvalstoffen.
22.5. Vrijstelling van de gebruiksvoorschriften
22.5.1. Meest doelmatige gebruik

Burgemeester en Wethouders verlenen vrijstelling van het bepaalde in lid 22.4.1, indien strikte toepassing daarvan zou leiden tot een beperking van het meest doelmatige gebruik, welke beperking niet door dringende redenen wordt gerechtvaardigd.

22.6. Strafbepaling

Overtreding van het bepaalde in de leden 22.3.1 en 22.4.1 wordt aangemerkt als een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 2į van de Wet op de economische delicten.